Civiel recht overig
12 september 2003 Eerste Kamer Nr. C01/334HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Hoge Raad, 12 september 2003
ECLI:NL:HR:2003:AF9405 · Hoge Raad · 12 september 2003
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2003-af9405
Zaakgegevens
Op 12 september 2003 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 12 september 2003
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- C01/334HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. K van Dijk, mr. R.F. Thunnissen
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2003:AF9405
Samenvatting
12 september 2003 Eerste Kamer Nr. C01/334HR JMH/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser],
wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. K. van Dijk, t e g e n SPEKTRUM FINANCIERINGEN B.V.,
gevestigd te 's-Gravenhage, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. R.F. Thunnissen. 1. Het geding in feitelijke instanties
Procesgang
Hoge Raad · 12 september 2003deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2003:AF9405
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 12 september 2003
ECLI:NL:PHR:2003:AF9405
Uitspraak
12 september 2003
Eerste Kamer
Nr. C01/334HR
JMH/AT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. K. van Dijk,
t e g e n
SPEKTRUM FINANCIERINGEN B.V.,
gevestigd te 's-Gravenhage,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. R.F. Thunnissen.
1. Het geding in feitelijke instanties
Verweerster in cassatie - verder te noemen: Spektrum - heeft bij exploit van 15 december 1997 eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - gedagvaard voor de rechtbank te Roermond. Na vermindering van eis heeft zij gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [eiser] te veroordelen om aan Spektrum te betalen een bedrag van ƒ 3.743,02, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 17 december 1997 tot aan de dag der algehele voldoening.
Nadat [eiser] niet was verschenen, heeft de rechtbank bij verstekvonnis van 7 mei 1998 de vordering toegewezen.
Bij exploit van 14 oktober 1998 heeft [eiser] tegen dit verstekvonnis verzet ingesteld en gevorderd hem tot goed opposant te verklaren en hem te ontheffen van de veroordeling tegen hem uitgesproken bij voormeld verstekvonnis.
Spektrum heeft in oppositie de vordering bestreden.
De rechtbank heeft bij vonnis van 1 juli 1999 het verzet gegrond verklaard, het tussen partijen op 7 mei 1998 door deze rechtbank gewezen verstekvonnis vernietigd, en de vordering van Spektrum afgewezen. Omtrent de proceskostenveroordeling heeft de rechtbank op 26 augustus 1999 nog een herstelvonnis gewezen.
Tegen het vonnis van 1 juli 1999 heeft Spektrum hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
Bij arrest van 9 augustus 2001 heeft het hof het vonnis waarvan beroep (inclusief het herstelvonnis van 26 augustus 1999) vernietigd en, opnieuw rechtdoende, het verzet van [eiser] tegen het op 7 mei 1998 tussen partijen gewezen verstekvonnis ongegrond verklaard, [eiser] in de proceskosten in eerste aanleg en in hoger beroep aan de zijde van Spektrum veroordeeld zoals in het dictum van arrest is aangegeven, en dit arrest uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Spektrum heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal C.L. de Vries Lentsch-Kostense strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Spektrum begroot op € 301,86 aan verschotten en €. 1.365,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president P. Neleman als voorzitter en de raadsheren A. Hammerstein en P.C. Kop, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 12 september 2003.