Civiel recht overig
8 juli 2005 Eerste Kamer Nr. C04/186HR JMH/AW Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser]…
Hoge Raad, 8 juli 2005
ECLI:NL:HR:2005:AT3512 · Hoge Raad · 8 juli 2005
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2005-at3512
Zaakgegevens
Op 8 juli 2005 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 8 juli 2005
- Datum publicatie
- 4 april 2013
- Zaaknummer
- C04/186HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. L.A van der Niet, mr. M.B.C. Kloppenburg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2005:AT3512
Samenvatting
8 juli 2005 Eerste Kamer Nr. C04/186HR JMH/AW Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. L.A. van der Niet, t e g e n 1. de vennootschap onder firma CFA ADMINISTRATIEVE ONDERSTEUNING V.O.F., gevestigd te Utrecht, 2. [Verweerster 2], gevestigd te [vestigingsplaats], VERWEERSTERS in cassatie, advocaat: mr. M.B.C. Kloppenburg. 1. Het geding in feitelijke instanties...
Procesgang
Hoge Raad · 8 juli 2005deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2005:AT3512
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 8 juli 2005
ECLI:NL:PHR:2005:AT3512
Uitspraak
8 juli 2005
Eerste Kamer
Nr. C04/186HR
JMH/AW
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. L.A. van der Niet,
t e g e n
1. de vennootschap onder firma CFA ADMINISTRATIEVE ONDERSTEUNING V.O.F.,
gevestigd te Utrecht,
2. [Verweerster 2],
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTERS in cassatie,
advocaat: mr. M.B.C. Kloppenburg.
1. Het geding in feitelijke instanties
Verweersters in cassatie - verder afzonderlijk te noemen: CFA en [verweerster 2] - hebben bij exploot van 30 augustus 2000 eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - voor de rechtbank te 's-Hertogenbosch gedagvaard en gevorderd [eiser] te veroordelen om aan hen terug te betalen een bedrag van ƒ 87.832,44 c.q. een nader door de rechtbank te bepalen bedrag, met de wettelijke rente vanaf 16 maart 1999.
[Eiser] heeft de vordering bestreden en in voorwaardelijke reconventie gevorderd primair [verweerster 2] te veroordelen tot betaling van een bedrag van ƒ 86.670,--, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf februari 1999, althans vanaf een door de rechtbank in goede justitie te bepalen datum, en subsidiair CFA te veroordelen tot betaling van een bedrag van ƒ 85.137,--, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf februari 1999, althans vanaf een door de rechtbank in goede justitie te bepalen datum.
CFA en [verweerster 2] hebben de vorderingen in voorwaardelijke reconventie bestreden.
De rechtbank heeft bij vonnis van 24 juli 2002 in conventie [eiser] veroordeeld om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan CFA te betalen een bedrag van € 39.329,13, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 16 maart 1999 tot de dag der voldoening, en aan CFA en [verweerster 2] het meer of anders gevorderde ontzegd. In voorwaardelijke reconventie heeft de rechtbank aan [eiser] zijn vordering ontzegd.
Tegen dit in conventie en in voorwaardelijke reconventie tussen partijen gewezen vonnis heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
Bij arrest van 24 februari 2004 heeft het hof het vonnis waarvan beroep bekrachtigd.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
CFA en [verweerster 2] hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal D.W.F. Verkade strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van CFA en [verweerster 2] begroot op € 1.251,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, J.C. van Oven en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president P. Neleman op 8 juli 2005.