Civiel recht overig
Arbitragerecht. Vernietiging van een arbitraal kortgedingvonnis op de voet van art. 1065 lid 1, onder a, Rv…
Hoge Raad, 25 mei 2007
ECLI:NL:HR:2007:BA1523 · Hoge Raad · 25 mei 2007
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2007-ba1523
Zaakgegevens
Op 25 mei 2007 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 25 mei 2007
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- C06/074HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. H.J.W Alt, mr. P.J.L.J. Duijsens
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2007:BA1523
Samenvatting
Arbitragerecht. Vernietiging van een arbitraal kortgedingvonnis op de voet van art. 1065 lid 1, onder a, Rv. wegens het ontbreken van een geldige overeenkomst tot arbitrage (81 RO).
Procesgang
Hoge Raad · 25 mei 2007deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2007:BA1523
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 25 mei 2007
ECLI:NL:PHR:2007:BA1523
Uitspraak
25 mei 2007
Eerste Kamer
Nr. C06/074HR
RM/AT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. H.J.W. Alt,
t e g e n
COÖPERATIEVE BLOEMENVEILING FLORAHOLLAND U.A.,
gevestigd te Naaldwijk,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens.
1. Het geding in feitelijke instanties
Een van de rechtvoorgangsters van verweerster in cassatie heeft bij exploot van 27 april 2000 eiser tot cassatie - verder te noemen: [eiser] - gedagvaard voor de rechtbank te Rotterdam en gevorderd het tussen partijen door het Nederlandse Arbitrage Instituut gewezen arbitrale kort gedingvonnis van 29 maart 2000 te vernietigen.
[Eiser] heeft de vordering bestreden.
Na mondelinge behandeling heeft de rechtbank bij vonnis van 5 december 2002 voornoemd arbitrale vonnis vernietigd.
Tegen dit vonnis van de rechtbank heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.
Bij arrest van 24 november 2005 heeft het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigd.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Verweerster in cassatie - verder te noemen: FloraHolland - heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 5 april 2007 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in casstie, tot op deze uitspraak aan de zijde van FloraHolland begroot op € 367,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, E.J. Numann, C.A. Streefkerk en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 25 mei 2007.