Civiel recht overig
Antillenzaak. Procesrecht; passeren aanbod tot getuigenbewijs wegens onvoldoende specificatie (81 RO).
Hoge Raad, 13 februari 2009
ECLI:NL:HR:2009:BG6449 · Hoge Raad · 13 februari 2009
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2009-bg6449
Zaakgegevens
Op 13 februari 2009 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 13 februari 2009
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- R07/079HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J Groen, mr. J.P. Heering
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2009:BG6449
Samenvatting
Antillenzaak. Procesrecht; passeren aanbod tot getuigenbewijs wegens onvoldoende specificatie (81 RO).
Procesgang
Hoge Raad · 13 februari 2009deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2009:BG6449
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 13 februari 2009
ECLI:NL:PHR:2009:BG6449
Uitspraak
13 februari 2009
Eerste Kamer
Nr. R07/079HR
EV/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
THE SISSIES INTERIOR DECORATION N.V.,
gevestigd op Curaçao,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. J. Groen,
t e g e n
CORAL ESTATE RESORT DEVELOPMENT N.V.,
gevestigd op Curaçao,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. J.P. Heering.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als The Sissies en CERD.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 28 november 2003 ter griffie van het gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen zittingsplaats Curaçao, ingekomen verzoekschrift heeft The Sissies zich gewend tot dat gerecht en verzocht CERD te veroordelen om aan The Sissies te betalen een bedrag van ANG 57.534,70, te vermeerderen met rente en kosten.
CERD heeft de vordering bestreden.
Het gerecht heeft, na een aantal tussenvonnissen waarin onder meer een deskundige is benoemd voor het opmaken van een deskundigenbericht, bij eindvonnis van 13 maart 2006 de vordering afgewezen.
Tegen het eindvonnis heeft The Sissies hoger beroep ingesteld bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, hierna: het hof.
Bij vonnis van 23 januari 2007 heeft het hof het vonnis van het gerecht bevestigd.
Het vonnis van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het vonnis van het hof heeft The Sissies beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
CERD heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van The Sissies heeft bij brief van 16 december 2008 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt The Sissies in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van CERD begroot op € 786,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 13 februari 2009.