Civiel recht overig
Huurrecht; bedongen onderhoudsverplichting als tegenprestatie ex art. 7:201 lid 1 BW (81 RO).
Hoge Raad, 10 juli 2009
ECLI:NL:HR:2009:BI4205 · Hoge Raad · 10 juli 2009
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2009-bi4205
Zaakgegevens
Op 10 juli 2009 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 10 juli 2009
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 07/11097
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J.P. van den Berg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2009:BI4205
Samenvatting
Huurrecht; bedongen onderhoudsverplichting als tegenprestatie ex art. 7:201 lid 1 BW (81 RO).
Procesgang
Gerechtshof 's-Gravenhage · 22 juni 2007
ECLI:NL:GHSGR:2007:BB0306Hoge Raad · 10 juli 2009deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2009:BI4205
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 10 juli 2009
ECLI:NL:PHR:2009:BI4205
Uitspraak
10 juli 2009
Eerste Kamer
07/11097
RM/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. IMPALA AUTO'S B.V.,
gevestigd te Zoetermeer,
2. [Eiser 2],
wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. J.P. van den Berg,
t e g e n
1. [Verweerder 1],
2. [Verweerder 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Impala c.s. en [verweerder] c.s.
1. Het geding in feitelijke instanties
[Verweerder] c.s. hebben bij exploot van 8 maart 2007 Impala c.s. in kort geding gedagvaard voor de voorzieningenrechter van de rechtbank 's-Gravenhage en gevorderd, kort gezegd, Impala c.s. op straffe van een dwangsom te veroordelen om binnen twee weken na betekening van het vonnis van de voorzieningenrechter de in de inleidende dagvaarding genoemde percelen geheel te ontruimen en te verlaten en ontruimd te houden.
Impala c.s. hebben de vordering bestreden.
De voorzieningenrechter heeft bij vonnis van 13 maart 2007 de vordering toegewezen.
Tegen dit vonnis hebben Impala c.s. hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.
Bij arrest van 22 juni 2007 heeft het hof het vonnis van de voorzieningenrechter bekrachtigd.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft Impala c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding en het herstelexploot zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Tegen [verweerder] c.s. is verstek verleend.
De zaak is voor Impala c.s. toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Impala c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 10 juli 2009.