Civiel recht overig
Procesrecht. Afwijzing verzoek om een voorlopig deskundigenbericht te bevelen; verzoek terzake dienend en…
Hoge Raad, 4 september 2009
ECLI:NL:HR:2009:BI5909 · Hoge Raad · 4 september 2009
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2009-bi5909
Zaakgegevens
Op 4 september 2009 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 4 september 2009
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 08/02847
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. P. Garretsen
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2009:BI5909
Samenvatting
Procesrecht. Afwijzing verzoek om een voorlopig deskundigenbericht te bevelen; verzoek terzake dienend en voldoende concreet?; 81 RO
Procesgang
Hoge Raad · 4 september 2009deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2009:BI5909
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 4 september 2009
ECLI:NL:PHR:2009:BI5909
Uitspraak
4 september 2009
Eerste Kamer
08/02847
RM/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
1. ING GROEP N.V., en
2. ING BANK N.V.,
beide gevestigd te Amsterdam,
3. [Verweerder 3],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaten: aanvankelijk mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk en mr. D. Vlasblom, thans mr. R.A.A. Duk.
Verzoeker tot cassatie zal hierna worden aangeduid als [verzoeker]. Verweerders in cassatie zullen hierna tezamen worden aangeduid als ING c.s. en afzonderlijk als ING Groep respectievelijk ING Bank en [verweerder 3].
1. Het geding in feitelijke instantie
Met een op 5 december 2007 ter griffie van het gerechtshof te Amsterdam ingediend verzoekschrift heeft [verzoeker] het hof verzocht een voorlopig deskundigenbericht te bevelen in het kader van de bij het hof aanhangige procedures tussen [verzoeker] en [verweerder 3] (zaaknummer 106.006.210/01) en tussen [verzoeker] enerzijds en ING Bank en ING Groep anderzijds (zaaknummer 200.000.902/01).
ING c.s. hebben het verzoek bestreden.
Na mondelinge behandeling heeft het hof bij beschikking van 3 april 2008 het verzoek van [verzoeker] afgewezen.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
ING c.s. hebben verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [verzoeker] heeft op 29 mei 2009 schriftelijk op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van ING c.s. begroot op € 348,38 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 4 september 2009.