Civiel recht overig
Verzekeringsrecht. Verkeersongeval. WAM. Kort geding. Causaal verband. Bewijslast. (81 RO).
Hoge Raad, 9 oktober 2009
ECLI:NL:HR:2009:BJ2668 · Hoge Raad · 9 oktober 2009
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2009-bj2668
Zaakgegevens
Op 9 oktober 2009 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 9 oktober 2009
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 08/03691
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. P. Garretsen
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2009:BJ2668
Samenvatting
Verzekeringsrecht. Verkeersongeval. WAM. Kort geding. Causaal verband. Bewijslast. (81 RO).
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 29 april 2008
ECLI:NL:GHAMS:2008:BF7503Hoge Raad · 9 oktober 2009deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2009:BJ2668
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 9 oktober 2009
ECLI:NL:PHR:2009:BJ2668
Uitspraak
9 oktober 2009
Eerste Kamer
08/03691
EE/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
FORTIS ASR SCHADEVERZEKERING N.V.,
gevestigd te Utrecht,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Fortis.
1. Het geding in feitelijke instanties
[Eiser] heeft bij exploot van 22 juni 2007 Fortis in kort geding gedagvaard voor de voorzieningenrechter in de rechtbank Utrecht en gevorderd, kort gezegd, Fortis te veroordelen aan [eiser] een voorschot op de schadevergoeding te betalen ten bedrage van € 42.500,--, met rente; de kosten van een arbeidsdeskundige te vergoeden en een deugdelijke fiscale garantie te verstrekken.
Fortis heeft de vordering bestreden.
De voorzieningenrechter heeft bij vonnis van 20 juli 2007 Fortis veroordeeld aan [eiser] een bedrag van € 25.000,-- als voorschot op de schadevergoeding te betalen.
Tegen dit vonnis van de voorzieningenrechter heeft Fortis hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. [Eiser] heeft incidenteel beroep ingesteld. Na vermeerdering van eis in hoger beroep heeft [eiser] gevorderd Fortis te veroordelen tot betaling van een aanvullend voorschot van € 106.022,--.
Bij arrest van 29 april 2008 heeft het hof, in principaal appel, het vonnis van de voorzieningenrechter bekrachtigd, met verbetering van gronden. In het incidenteel appel heeft het hof het beroep van [eiser] verworpen.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen Fortis is verstek verleend.
De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep
De advocaat van [eiser] heeft op 12 augustus 2009 schriftelijk op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Fortis begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.A.M. van Schendel op 9 oktober 2009.