Civiel recht overig

Procesrecht. Cassatieberoep tegen drie arresten, uitgesproken in gedingen tussen de drie broers als…

Hoge Raad, 9 juli 2010

Zaakgegevens

Op 9 juli 2010 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
9 juli 2010
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
10/00380
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. J de Visser, mr. R.A.A. Duk
ECLI
ECLI:NL:HR:2010:BM4088
E-mail

Samenvatting

Procesrecht. Cassatieberoep tegen drie arresten, uitgesproken in gedingen tussen de drie broers als appellanten en de curator als geïntimeerde. Arresten niet gewezen tussen dezelfde partijen. Goede procesorde verzet zich tegen cassatieberoep tegen die arresten bij één en hetzelfde verzoekschrift. Niet-ontvankelijkheid.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 9 juli 2010deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2010:BM4088

  2. Conclusie A-G · 9 juli 2010

    ECLI:NL:PHR:2010:BM4088

Uitspraak

9 juli 2010

Eerste Kamer

10/00380

EV/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [Verzoeker 1],

2. [Verzoeker 2],

3. [Verzoeker 3],

allen wonende te [woonplaats],

VERZOEKERS tot cassatie,

advocaat: mr. J. de Visser,

t e g e n

Mr. Pieter Rudolf DEKKER q.q., in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van Exhibit Factory B.V.,

kantoorhoudende te Rosmalen, gemeente 's-Hertogenbosch,

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. R.A.A. Duk.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekers] en de curator.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaken 202976/FT-RK 09.1676, 202977/FT-RK 09.1677 en 202980/FT-RK 09.1678 van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 3 december 2009,

b. de arresten in de zaken HV 200.051.123/01, HV 200.050.926/01 en HV 200.051.127/01 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 20 januari 2010.

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de arresten van het hof hebben [verzoekers] met één verzoekschrift beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De curator heeft in zijn verweerschrift bij wege van exceptief verweer geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van [verzoekers] in hun cassatieberoep; voorts heeft hij de voorgestelde cassatiemiddelen bestreden.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van [verzoekers] in hun cassatieberoep.

3. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

Het cassatieberoep is gericht tegen drie arresten van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch, op 20 januari 2010 uitgesproken in evenzoveel gedingen tussen [verzoekers] als respectieve appellanten en de curator als geïntimeerde. Deze arresten zijn niet gewezen tussen dezelfde partijen, terwijl het hof ook niet voeging wegens verknochtheid heeft bevolen van de gedingen waarin die arresten zijn gewezen. De goede procesorde verzet zich ertegen dat tegen die arresten bij één en hetzelfde verzoekschrift cassatieberoep wordt ingesteld. [Verzoekers] kunnen derhalve niet worden ontvangen in hun beroep.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verklaart [verzoekers] niet-ontvankelijk in hun beroep;

veroordeelt [verzoekers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op € 358,38 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 9 juli 2010.