Civiel recht overig
Vermogensrecht. Verjaring. Mesothelioom als gevolg van blootstelling aan asbest. Beroep op verjaring ex art…
Hoge Raad, 26 november 2010
ECLI:NL:HR:2010:BO0191 · Hoge Raad · 26 november 2010
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2010-bo0191
Zaakgegevens
Op 26 november 2010 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 26 november 2010
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 09/01147
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. R.A.A Duk, mr. J. van Duijvendijk-Brand
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2010:BO0191
Samenvatting
Vermogensrecht. Verjaring. Mesothelioom als gevolg van blootstelling aan asbest. Beroep op verjaring ex art. 3:310 lid 2 BW, zoals die bepaling luidde tot 1 februari 2004, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar? (Art. 81 RO).
Procesgang
Hoge Raad · 26 november 2010deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2010:BO0191
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 26 november 2010
ECLI:NL:PHR:2010:BO0191
Uitspraak
26 november 2010
Eerste Kamer
09/01147
DV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Eiseres 1],
wonende te [woonplaats],
2. [Eiser 2],
wonende te [woonplaats],
3. [Eiser 3],
wonende te [woonplaats],
4. [Eiser 4],
wonende te [woonplaats], Frankrijk,
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. R.A.A. Duk,
t e g e n
DOK- EN WERFMAATSCHAPPIJ WILTON FIJENOORD B.V.,
gevestigd te Schiedam,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en Wilton Fijenoord.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 632748 van de kantonrechter te Schiedam van 29 november 2005;
b. het arrest in de zaak 105.004.792/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 9 december 2008.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Wilton Fijenoord heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor [eiser] c.s. toegelicht door mr. S.F. Sagel en mr. J.-W. van Geen, beiden advocaat te Amsterdam. Namens Wilton Fijenoord is de zaak toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Wilton Fijenoord begroot op € 1.846,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, E.J. Numann, C.A. Streefkerk en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 26 november 2010.