Civiel recht overig
Art. 81 RO. Nationaliteitsrecht; art. 17 RWN. Afwijzing verzoek tot vaststelling Nederlanderschap…
Hoge Raad, 17 juni 2011
ECLI:NL:HR:2011:BP9500 · Hoge Raad · 17 juni 2011
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2011-bp9500
Zaakgegevens
Op 17 juni 2011 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 17 juni 2011
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 10/03123
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J Groen, mr. J. van Duijvendijk-Brand
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2011:BP9500
Samenvatting
Art. 81 RO. Nationaliteitsrecht; art. 17 RWN. Afwijzing verzoek tot vaststelling Nederlanderschap minderjarige kinderen van partijen. Oordeel rechtbank dat in Pakistan gesloten, bigame huwelijk niet als rechtsgeldig kan worden erkend en geen basis kan bieden voor bestaan familierechtelijke betrekkingen tussen man en minderjarig kinderen.
Procesgang
Hoge Raad · 17 juni 2011deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2011:BP9500
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 17 juni 2011
ECLI:NL:PHR:2011:BP9500
Uitspraak
17 juni 2011
Eerste Kamer
10/03123
DV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
1. [De man],
wonende te [woonplaats],
2. [De vrouw],
wonende te [woonplaats], Pakistan,
VERZOEKERS tot cassatie,
advocaat: mr. J. Groen,
t e g e n
DE STAAT DER NEDERLANDEN,
zetelende te 's-Gravenhage,
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de man, de vrouw en de Staat.
1. Het geding in feitelijke instantie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak 320484/HA RK 08-993 van de rechtbank 's-Gravenhage van 29 april 2010.
De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van de rechtbank hebben de man en de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Staat heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is vastgesteld op 26 mei 2011 en gegeven door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren W.A.M. van Schendel en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 17 juni 2011.