Civiel recht overig

Art. 81 RO. Verbintenissenrecht. Koop woning. Agrarische bestemming woning. Dwaling?

Hoge Raad, 24 juni 2011

Zaakgegevens

Op 24 juni 2011 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24 juni 2011
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
10/02867
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. P Garretsen, mr. A.Th.P.A. Brink
ECLI
ECLI:NL:HR:2011:BP9992
E-mail

Samenvatting

Art. 81 RO. Verbintenissenrecht. Koop woning. Agrarische bestemming woning. Dwaling?

Procesgang

  1. Hoge Raad · 24 juni 2011deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2011:BP9992

  2. Conclusie A-G · 24 juni 2011

    ECLI:NL:PHR:2011:BP9992

Uitspraak

24 juni 2011

Eerste Kamer

10/02867

EV/IF

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

1. [Eiser 1],

2. [Eiseres 2],

beiden wonende te [woonplaats],

EISERS tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

1. [Verweerder 1],

wonende te [woonplaats],

2. [Verweerster 2],

gevestigd te [vestigingsplaats],

VERWEERDERS in cassatie,

advocaat: mr. A.Th.P.A. Brink.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerder].

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 230265/HA ZA 04-3487 van de rechtbank 's-Gravenhage van 26 oktober 2005;

b. de arresten in de zaak 105.003.979/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 1 november 2007 (tussenarrest) en 1 juni 2010 (eindarrest).

De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen beide arresten van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[Verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 2.421,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, W.A.M. van Schendel en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 24 juni 2011.