Civiel recht overig
Art. 81 RO. Vordering tot vernietiging bindend advies; art. 7:904 BW.
Hoge Raad, 25 november 2011
ECLI:NL:HR:2011:BU5640 · Hoge Raad · 25 november 2011
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2011-bu5640
Zaakgegevens
Op 25 november 2011 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 25 november 2011
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 10/02356
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. J.C. Meijroos
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2011:BU5640
Samenvatting
Art. 81 RO. Vordering tot vernietiging bindend advies; art. 7:904 BW.
Procesgang
Hoge Raad · 25 november 2011deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2011:BU5640
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 25 november 2011
ECLI:NL:PHR:2011:BU5640
Uitspraak
25 november 2011
Eerste Kamer
10/02356
DV/LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser],
wonende te Winkel, gemeente Niedorp,
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. J.C. Meijroos,
t e g e n
Cornelis REZELMAN,
wonende te Kreileroord, gemeente Wieringermeer,
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Vis en Rezelman.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 97608/HA ZA 07-736 van de rechtbank Alkmaar van 14 november 2007 en 9 april 2008;
b. het arrest in de zaak 200.013.013/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 26 januari 2010.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft Vis beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen Rezelman is verstek verleend.
Vis heeft afgezien van schriftelijke toelichting.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Vis in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Rezelman begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, W.A.M. van Schendel en G. Snijders en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 25 november 2011.