Civiel recht overig

Art. 81 RO. Huur winkelpand. Vordering huurder tot betaling contractuele boete in verband met schending…

Hoge Raad, 10 februari 2012

Zaakgegevens

Op 10 februari 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10 februari 2012
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
10/04074
Procedure
Cassatie
Advocaat
aanvankelijk mr. P.J Arenthorst, mr. W.G.H. Janssen
ECLI
ECLI:NL:HR:2012:BU9851
E-mail

Samenvatting

Art. 81 RO. Huur winkelpand. Vordering huurder tot betaling contractuele boete in verband met schending voorkeursrecht van koop door verhuurder. Beroep op boetebepaling naar maatstaven redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar?

Procesgang

  1. Hoge Raad · 10 februari 2012deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2012:BU9851

  2. Conclusie A-G · 10 februari 2012

    ECLI:NL:PHR:2012:BU9851

Uitspraak

10 februari 2012

Eerste Kamer

10/04074

EV/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: aanvankelijk mr. P.J. Arenthorst, thans mr. F.M.L. Dekkers,

t e g e n

[Verweerder],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. W.G.H. Janssen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerder].

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 299445/HA ZA 07-3654 van de rechtbank 's-Gravenhage van 18 februari 2009;

b. het arrest in de zaak 200.029.668/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 8 juni 2010.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[Verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 385,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.B. Bakels, als voorzitter, W.D.H. Asser en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president W.A.M. van Schendel op 10 februari 2012.