Civiel recht overig
Art. 81 RO. Onrechtmatige daad; huurrecht. Bewust profiteren c.q. uitlokken wanprestatie huurder…
Hoge Raad, 20 januari 2012
ECLI:NL:HR:2012:BV1453 · Hoge Raad · 20 januari 2012
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2012-bv1453
Zaakgegevens
Op 20 januari 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 20 januari 2012
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 10/02781
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. K.T.B. Salomons
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2012:BV1453
Samenvatting
Art. 81 RO. Onrechtmatige daad; huurrecht. Bewust profiteren c.q. uitlokken wanprestatie huurder. Aansprakelijkheid (indirect) bestuurder. Hoofdelijke veroordeling tot betaling achterstallige huurpenningen.
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 23 juni 2009
ECLI:NL:GHSHE:2009:BY3299Hoge Raad · 20 januari 2012deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2012:BV1453
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 20 januari 2012
ECLI:NL:PHR:2012:BV1453
Uitspraak
20 januari 2012
Eerste Kamer
10/02781
EV/RA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Eiseres 1],
gevestigd te [vestigingsplaats]
2. [Eiser 2],
wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. K.T.B. Salomons,
t e g e n
[Verweerder],
wonende te [woonplaats], België,
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en [verweerder].
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 173163/HA ZA 07-591 van de rechtbank Breda van 13 juni 2007 en 16 januari 2008;
b. de arresten in de zaak HD 200.004.530 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 23 juni 2009 (tussenarrest) en 16 maart 2010 (eindarrest).
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het eindarrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen [verweerder] is verstek verleend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren W.A.M. van Schendel, als voorzitter, C.A. Streefkerk en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 20 januari 2012.