Civiel recht overig
Art. 81 RO. Koopovereenkomst; vaststellingsovereenkomst. Bewijsopdracht, bewijslastverdeling.
Hoge Raad, 1 juni 2012
ECLI:NL:HR:2012:BW1285 · Hoge Raad · 1 juni 2012
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2012-bw1285
Zaakgegevens
Op 1 juni 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 1 juni 2012
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 11/01468
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. P.J.L.J. Duijsens
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2012:BW1285
Samenvatting
Art. 81 RO. Koopovereenkomst; vaststellingsovereenkomst. Bewijsopdracht, bewijslastverdeling.
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 19 januari 2010
ECLI:NL:GHSHE:2010:BR0015Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 7 september 2010
ECLI:NL:GHSHE:2010:BR0016Hoge Raad · 1 juni 2012deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2012:BW1285
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 1 juni 2012
ECLI:NL:PHR:2012:BW1285
Uitspraak
1 juni 2012
Eerste Kamer
11/01468
EV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
WESTLANDSE PLANTENKWEKERIJ B.V.,
gevestigd te Made, gemeente Drimmelen,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens,
t e g e n
SOCIETE MARACHAIRE DE L'OUEST, handelende onder de naam S.i.c.a. Saveol,
gevestigd te Plougastel Daoulas, Frankrijk,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als WPK en Saveol.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 133012/HA ZA 04-875 van de rechtbank Breda van 26 januari 2005, 8 juni 2005 en 7 maart 2007;
b. de arresten in de zaak HD 103.004.930 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 19 januari 2010 en 7 september 2010.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de arresten van het hof heeft WPK beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen Saveol is verstek verleend.
De zaak is voor WPK toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt WPK in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Saveol begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en M.A. Loth, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 1 juni 2012.