Civiel recht overig

Griffierecht niet binnen vier weken voldaan; hardheidsclausule; niet-ontvankelijkheid, art. 427b Rv., art…

Hoge Raad, 10 augustus 2012

Zaakgegevens

Op 10 augustus 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10 augustus 2012
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
12/01783
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. W.G.H. Janssen
ECLI
ECLI:NL:HR:2012:BW8295
E-mail

Samenvatting

Griffierecht niet binnen vier weken voldaan; hardheidsclausule; niet-ontvankelijkheid, art. 427b Rv., art. 282a lid 2 Rv., art. 282a lid 4 Rv.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 10 augustus 2012deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2012:BW8295

  2. Conclusie A-G · 10 augustus 2012

    ECLI:NL:PHR:2012:BW8295

Uitspraak

10 augustus 2012

Eerste Kamer

12/01783

EE/LZ

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[Verzoeker],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. W.G.H. Janssen,

t e g e n

[Verweerster],

wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

niet verschenen.

Verzoeker tot cassatie zal hierna worden aangeduid als de man.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de beschikking in de zaak FA RK 06-5523 van de rechtbank 's-Gravenhage van 6 november 2008;

b. de beschikking in de zaak 200.024.213/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 4 januari 2012.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de man beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

Het door de man verschuldigde griffierecht is op 14 mei 2012 door de Hoge Raad ontvangen.

Aan de advocaat van de man is verzocht zich schriftelijk uit te laten over de vraag waarom het griffierecht niet binnen de wettelijke betalingstermijn is bijgeschreven op de rekening van de Hoge Raad en de rechtsgevolgen daarvan.

De advocaat van de man heeft zich bij akte van 25 mei 2012 over de te late betaling uitgelaten.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van de man in zijn cassatieberoep.

3. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

Op de gronden uiteengezet in de conclusie van de Advocaat-Generaal, kan de man niet worden ontvangen in zijn beroep.

4. Beslissing

De Hoge Raad verklaart de man niet-ontvankelijk in zijn beroep.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren W.D.H. Asser en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 10 augustus 2012.