Civiel recht overig

Art. 81 RO. Bestaan overeenkomst geldlening. Uitleg stellingen, bewijswaardering.

Hoge Raad, 10 augustus 2012

Zaakgegevens

Op 10 augustus 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
10 augustus 2012
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
11/02852
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. H.J.W Alt, mr. J.W.H. van Wijk
ECLI
ECLI:NL:HR:2012:BW8310
E-mail

Samenvatting

Art. 81 RO. Bestaan overeenkomst geldlening. Uitleg stellingen, bewijswaardering.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 10 augustus 2012deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2012:BW8310

  2. Conclusie A-G · 10 augustus 2012

    ECLI:NL:PHR:2012:BW8310

Uitspraak

10 augustus 2012

Eerste Kamer

11/02852

EE/LZ

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[Eiser],

wonende te [woonplaats], Spanje,

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. H.J.W. Alt,

t e g e n

[Verweerster],

gevestigd te [vestigingsplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. J.W.H. van Wijk.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en [verweerster].

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de vonnissen in de zaak 126874/HA ZA 06-1026 van de rechtbank Haarlem van 4 oktober 2006 en 30 januari 2008;

b. het arrest in de zaak 200.011.548/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 8 maart 2011.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

[Verweerster] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [verweerster] mede door mr. M.M. van Asperen, advocaat bij de Hoge Raad.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 22 juni 2012 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad:

verwerpt het beroep;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 5.965,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren W.D.H. Asser en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 10 augustus 2012.