Civiel recht overig
Art. 81 RO. Huur bedrijfsruimte; art. 7:290 en 7:230a BW.
Hoge Raad, 5 oktober 2012
ECLI:NL:HR:2012:BX5796 · Hoge Raad · 5 oktober 2012
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2012-bx5796
Zaakgegevens
Op 5 oktober 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 5 oktober 2012
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 11/05357
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. P.J.Ph Dietz de Loos, mr. H.J.W. Alt
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2012:BX5796
Samenvatting
Art. 81 RO. Huur bedrijfsruimte; art. 7:290 en 7:230a BW.
Procesgang
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 24 november 2011
ECLI:NL:GHSHE:2011:BU6216Hoge Raad · 5 oktober 2012deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2012:BX5796
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 5 oktober 2012
ECLI:NL:PHR:2012:BX5796
Uitspraak
5 oktober 2012
Eerste Kamer
11/05357
TT/LZ
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Verzoekster],
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos,
t e g e n
1. [Verweerder 1],
2. [Verweerster 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: mr. H.J.W. Alt.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekster] en [verweerder] c.s.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak 647440 OV VERZ 11-841 van de kantonrechter te Bergen op Zoom van 26 juli 2011;
b. de beschikking in de zaak HV 200.094.251/01 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 24 november 2011.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld.
[Verweerder] c.s. hebben geconcludeerd tot niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep, althans tot verwerping daarvan. Voorts hebben zij enkele verzoeken gedaan.
[Verzoekster] heeft geconcludeerd tot afwijzing van de verzoeken van [verweerder] c.s.
Het cassatierekest en het verweerschrift tevens houdende de verzoeken van [verweerder] c.s. zijn aan deze beschikking gehecht en maken daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Gelet op het bovenstaande hebben [verweerder] c.s. geen belang meer van hun in cassatie gedane verzoeken. Die verzoeken worden daarom afgewezen.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
wijst de verzoeken van [verweerder] c.s. af;
veroordeelt [verzoekster] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op € 339,38 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, als voorzitter, C.E. Drion en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president F.B. Bakels op 5 oktober 2012.