Civiel recht overig

Verzoek schuldenaar tot bevel aan schuldeiser in te stemmen met aangeboden schuldregeling, art. 287a lid 1…

Hoge Raad, 4 oktober 2013

Zaakgegevens

Op 4 oktober 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
4 oktober 2013
Datum publicatie
4 oktober 2013
Zaaknummer
13/02805
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. P.J.Ph. Dietz de Loos, mr. D. Rijpma
ECLI
ECLI:NL:HR:2013:860
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Verzoek schuldenaar tot bevel aan schuldeiser in te stemmen met aangeboden schuldregeling, art. 287a lid 1 Fw. Geen rechtsmiddel tegen afwijzing verzoek, niet-ontvankelijkheid (HR 14 december 2012, ECLI:NL:HR:2012:BY0966, NJ 2013/43).

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 9 augustus 2013

    ECLI:NL:PHR:2013:866
  2. Hoge Raad · 4 oktober 2013deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2013:860

    Conclusie gevolgd

  3. Uitspraak · 2013

    ECLI:NL:GHARL:2013:3926

    Niet ontvankelijk

Uitspraak

4 oktober 2013

Eerste Kamer

nr. 13/02805

EV/LZ

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:

[verzoekster],
wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.

t e en

OBVION N.V.,

gevestigd te Heerlen,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. D. Rijpma.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekster] en Obvion.

1 Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. het vonnis in de zaak 124700/FT RK 13-83 van de rechtbank Noord-Nederland, locatie Leeuwarden, van 14 maart 2013;

b. het arrest in de zaak 200.124.197/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Leeuwarden, van 30 mei 2013.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2 Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

Obvion heeft een verweerschrift ingediend strekkende tot het niet-ontvankelijk verklaren van [verzoekster] in haar cassatieverzoek.

[verzoekster] heeft gereageerd op het verweerschrift van Obvion.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot niet-ontvankelijkheid van [verzoekster].

De advocaat van [verzoekster] heeft bij brief van 16 augustus 2013 op die conclusie gereageerd.

3 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep

3.1

[verzoekster] heeft de rechtbank primair verzocht Obvion te bevelen in te stemmen met de door haar aangeboden schuldregeling (art. 287a lid 1 Fw). Subsidiair heeft zij verzocht te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling.

3.2

De rechtbank heeft het primaire verzoek toegewezen. Het hof heeft het primaire verzoek alsnog afgewezen en het subsidiaire verzoek toegewezen.

3.3

Het middel is gericht tegen de afwijzing van het primaire verzoek. Tegen de afwijzing van dit verzoek staat geen rechtsmiddel open, zodat [verzoekster] in haar beroep niet-ontvankelijk moet worden verklaard (HR 14 december 2012, ECLI:NL:HR:2012:BY0966, NJ 2013/43, rov. 3.6.5).

4 Beslissing

De Hoge Raad verklaart [verzoekster] niet-ontvankelijk in haar beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 4 oktober 2013.