Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Vaststelling Nederlandse nationaliteit; toepasselijkheid van art. 6 lid 4…

Hoge Raad, 22 februari 2013

Zaakgegevens

Op 22 februari 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
22 februari 2013
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
12/02807
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. L.C. Blok
ECLI
ECLI:NL:HR:2013:BY6752
E-mail

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Vaststelling Nederlandse nationaliteit; toepasselijkheid van art. 6 lid 4 Toescheidingsovereenkomst inzake nationaliteiten tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Suriname.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 22 februari 2013deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2013:BY6752

  2. Conclusie A-G · 22 februari 2013

    ECLI:NL:PHR:2013:BY6752

Uitspraak

22 februari 2013

Eerste Kamer

12/02807

EE/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[Verzoekster],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. L.C. Blok,

t e g e n

STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Immigratie- en Naturalisatiedienst),

zetelende te Rijswijk,

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekster] en de Staat.

1. Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak 405904/HA RK 11-655 van de rechtbank 's-Gravenhage van 8 maart 2012.

De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van de rechtbank heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Staat heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van art. 81 lid 1 RO.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 22 februari 2013.