Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Echtscheiding. Geschil over vaststelling verschuldigde kinder- en partneralimentatie.

Hoge Raad, 15 februari 2013

Zaakgegevens

Op 15 februari 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
15 februari 2013
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
10/05301
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. A Jankie, mr. H.J.W. Alt
ECLI
ECLI:NL:HR:2013:BY8306
E-mail

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Echtscheiding. Geschil over vaststelling verschuldigde kinder- en partneralimentatie.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 15 februari 2013deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2013:BY8306

  2. Conclusie A-G · 15 februari 2013

    ECLI:NL:PHR:2013:BY8306

Uitspraak

15 februari 2013

Eerste Kamer

10/05301

DV/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De man],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKER tot cassatie,

advocaat: mr. A. Jankie,

t e g e n

[De vrouw],

wonende te [woonplaats],

VERWEERSTER in cassatie,

advocaat: mr. H.J.W. Alt.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de man en de vrouw.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de beschikking in de zaak FA RK 08-7840 van de rechtbank 's-Gravenhage van 17 juli 2009;

b. de beschikking in de zaak 200.048.525/01 en 200.066.841/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 8 september 2010.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de man beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest en het aanvullend cassatierekest zijn aan deze beschikking gehecht en maken daarvan deel uit.

De vrouw heeft verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van de man heeft bij brief van 11 december 2012 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.E. Drion en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president E.J. Numann op 15 februari 2013.