Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Vaststelling zorgregeling minderjarige tussen met gezamenlijk gezag belaste ouders.

Hoge Raad, 17 mei 2013

Zaakgegevens

Op 17 mei 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
17 mei 2013
Datum publicatie
8 april 2013
Zaaknummer
12/04048
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. D Rijpma, mr. J.F.M. van Weegberg
ECLI
ECLI:NL:HR:2013:BZ2922
E-mail

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Vaststelling zorgregeling minderjarige tussen met gezamenlijk gezag belaste ouders.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 17 mei 2013deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2013:BZ2922

  2. Conclusie A-G · 17 mei 2013

    ECLI:NL:PHR:2013:BZ2922

Uitspraak

17 mei 2013

Eerste Kamer

12/04048

MD/IF

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[de vrouw],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. D. Rijpma,

t e g e n

[de man],

wonende te [woonplaats], Duitsland,

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. J.F.M. van Weegberg.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de beschikkingen in de zaak 451803/FA RK 10-1396 van de rechtbank Amsterdam van 3 november 2010 en 5 oktober 2011;

b. de beschikking in de zaak 200.099.870/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 22 mei 2012, aangevuld bij beschikking van 7 augustus 2012.

De beschikkingen van het hof zijn aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof van 22 mei 2012 heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld.

Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De man heeft verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het beroep.

De advocaat van [de vrouw] heeft bij brief van 7 maaart 2013 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, G. Snijders en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 17 mei 2013.