Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Vormmerk spijkerbroek (Elwood). Vervolg op HR 8 september 2006, LJN AV3384, HR 13 oktober…
Hoge Raad, 26 april 2013
ECLI:NL:HR:2013:BZ4098 · Hoge Raad · 26 april 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2013-bz4098
Zaakgegevens
Op 26 april 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 26 april 2013
- Datum publicatie
- 8 april 2013
- Zaaknummer
- 11/05558
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. G van der Wal, mr. P.S. Kamminga
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2013:BZ4098
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Vormmerk spijkerbroek (Elwood). Vervolg op HR 8 september 2006, LJN AV3384, HR 13 oktober 2006, LJN AZ0095 (herstelarrest), HvJEU 20 september 2007, nr. C-371/06, Pb. C 269, p. 15 en HR 3 april 2009, LJN BH1225. Art. 1 lid 2 BMW, art. 2 lid 1 BVIE, art. 3 lid 1 Merkenrichtlijn. Wezenlijke waarde van de waar. Art. 1019h Rv.
Procesgang
Gerechtshof 's-Gravenhage · 13 september 2011
ECLI:NL:GHSGR:2011:BS8925Hoge Raad · 26 april 2013deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2013:BZ4098
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 26 april 2013
ECLI:NL:PHR:2013:BZ4098
Uitspraak
26 april 2013
Eerste Kamer
11/05558
EE/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
G-STAR INTERNATIONAL B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
EISERES tot cassatie, verweerster in het incidentele cassatieberoep,
advocaat: mr. G. van der Wal,
t e g e n
de vennootschap naar vreemd recht BENETTON GROUP SPA,
gevestigd te Ponzano, Italië,
VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het incidentele cassatieberoep,
advocaat: mr. P.S. Kamminga.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als G-Star en Benetton.
1. Het geding
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het arrest in de zaak C05/071HR, LJN BH1225, NJ 2010/41 van de Hoge Raad van 3 april 2009;
b. het arrest in de zaak 200.032.181/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 13 september 2011.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het derde geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft G-Star beroep in cassatie ingesteld. Benetton heeft incidenteel cassatieberoep ingesteld. De cassatiedagvaarding en de conclusie van antwoord in het principale beroep tevens houdende incidenteel beroep zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor Benetton mede door mr. S.M. Bartman, advocaat te Amsterdam.
De conclusie van de Advocaat-Generaal in buitengewonde dienst D.W.F. Verkade strekt in zowel het principale als in het incidentele beroep tot verwerping.
De advocaat van Benetton heeft bij brief van 21 maart 2013 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen in het principale en in het incidentele beroep
3.1 De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3.2 Nu geen van partijen op de voet van art. 1019h Rv vergoeding heeft gevorderd van de volledige kosten van de onderhavige cassatieprocedure, zullen deze kosten op de gebruikelijke wijze worden begroot.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
in het principale beroep:
verwerpt het beroep;
veroordeelt G-Star in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Benetton begroot op € 781,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris;
in het incidentele beroep:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Benetton in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van G-Star begroot op € 68,07 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, C.A. Streefkerk, G. de Groot en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 26 april 2013.