Civiel recht overig
Art. 81 lid 1 RO. Overeenkomst tot zorgverlening in AWBZ-instelling. Is aanvullende (buiten AWBZ vallende)…
Hoge Raad, 9 maart 2018
ECLI:NL:HR:2018:310 · Hoge Raad · 9 maart 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/civiel-recht-overig/cassatie/ecli-nl-hr-2018-310
Zaakgegevens
Op 9 maart 2018 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 9 maart 2018
- Datum publicatie
- 9 maart 2018
- Zaaknummer
- 16/06087
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Civiel recht overig
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. H.J.W Alt, mr. M.E. Bruning
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2018:310
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Overeenkomst tot zorgverlening in AWBZ-instelling. Is aanvullende (buiten AWBZ vallende) zorg overeengekomen?
Procesgang
Uitspraak · 2014
ECLI:NL:RBLIM:2014:9493Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 30 augustus 2016
ECLI:NL:GHSHE:2016:3775Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 8 december 2017
ECLI:NL:PHR:2017:1496Hoge Raad · 9 maart 2018deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2018:310
Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg · Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
9 maart 2018
Eerste Kamer
16/06087
TT/EE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
De stichting STICHTING VITALIS RESIDENTIËLE WOONVORMEN,
gevestigd te Eindhoven,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. H.J.W. Alt,
t e g e n
[verweerder], die in zijn hoedanigheid van executeur-testamentair van wijlen [betrokkene 1] diens erfgename [betrokkene 2], vertegenwoordigt,
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. M.E. Bruning.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Vitalis en [verweerder].
1 Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak C/03/179280/HA ZA 13/144 van de rechtbank Limburg van 30 juli 2014;
b. de arresten in de zaak 200.159.260/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 23 december 2014, 1 maart 2016 en 30 augustus 2016.
Het arrest van het hof van 30 augustus 2016 is aan dit arrest gehecht.
2 Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof van 30 augustus 2016 heeft Vitalis beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Vitalis heeft bij brief van 22 december 2017 op die conclusie gereageerd.
3 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4 Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Vitalis in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 856,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.H.T. Heisterkamp, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek op 9 maart 2018.