Civiel recht overig

Art. 81 lid 1 RO. Erfrecht. Vervolg op ECLI:NL:HR:2015:311. Wilsbekwaamheid erflater bij opmaken van…

Hoge Raad, 20 december 2019

Zaakgegevens

Op 20 december 2019 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over civiel recht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
20 december 2019
Datum publicatie
19 december 2019
Zaaknummer
18/04486
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. N.C van Steijn, mr. M.J van Basten Batenburg, mr. M.J van Basten Batenburg
ECLI
ECLI:NL:HR:2019:2029
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 81 lid 1 RO. Erfrecht. Vervolg op ECLI:NL:HR:2015:311. Wilsbekwaamheid erflater bij opmaken van testament. Art. 3:34 BW.

Procesgang

  1. Gerechtshof Den Haag · 27 juni 2017

    ECLI:NL:GHDHA:2017:4266
  2. Conclusie A-G · 1 november 2019

    ECLI:NL:PHR:2019:1113
  3. Hoge Raad · 20 december 2019deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2019:2029

    Bekrachtiging/bevestiging · Conclusie gevolgd

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

CIVIELE KAMER

Nummer 18/04486

Datum 20 december 2019

ARREST

In de zaak van

[eiseres] ,
wonende te [woonplaats] ,

EISERES tot cassatie,

hierna: [eiseres] ,

advocaat: mr. N.C. van Steijn,

tegen

1. [verweerder 1] ,
wonende te [woonplaats],

hierna: [verweerder 1] ,

advocaat: mr. M.J. van Basten Batenburg,

2. [verweerder 2] ,
wonende te [woonplaats],

hierna: [verweerder 2] ,

niet verschenen,

3. [verweerder 3] ,
wonende te [woonplaats],

hierna: [verweerder 3] ,

advocaat: mr. M.J. van Basten Batenburg,

4. [verweerder 4] ,
wonende te [woonplaats],

hierna: [verweerder 4] ,

niet verschenen,

VERWEERDERS in cassatie.

1 Procesverloop

Voor het verloop van het geding verwijst de Hoge Raad naar:

  1. zijn arrest tussen partijen in de zaak 13/04030, ECLI:NL:HR:2015:311 van 13 februari 2015;

  2. de arresten in de zaak 200.197.283/01 van het gerechtshof Den Haag van 27 juni 2017 en 31 juli 2018.

[eiseres] heeft tegen de arresten van het hof beroep in cassatie ingesteld. [verweerder 1] en [verweerder 3] hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend. Tegen [verweerder 2] en [verweerder 4] is verstek verleend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

De advocaat van [eiseres] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2 Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad:

- verwerpt het beroep;

- veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder 1] en [verweerder 3] begroot op € 400,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris en aan de zijde van [verweerder 2] en [verweerder 4] op nihil.

Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.J. Kroeze en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 20 december 2019.