Intellectueel-eigendomsrecht
Art. 81 lid 1 RO. Intellectuele eigendom. Octrooirecht. Kort geding. Octrooi geldig? Inventiviteit; 'problem…
Hoge Raad, 19 juli 2019
ECLI:NL:HR:2019:1261 · Hoge Raad · 19 juli 2019
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/intellectueel-eigendomsrecht/cassatie/ecli-nl-hr-2019-1261
Zaakgegevens
Op 19 juli 2019 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over intellectueel-eigendomsrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 19 juli 2019
- Datum publicatie
- 18 juli 2019
- Zaaknummer
- 17/06095
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Intellectueel-eigendomsrecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. T Cohen Jehoram, mr. F.W.E. Eijsvogels
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2019:1261
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Intellectuele eigendom. Octrooirecht. Kort geding. Octrooi geldig? Inventiviteit; 'problem solution approach'. Vaststelling van objectieve technische probleem; stand van de techniek. Beroep op rechtspraak EOB m.b.t. standaardtests of een 'try and see'-houding.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 31 oktober 2017
ECLI:NL:GHDHA:2017:4157Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 10 mei 2019
ECLI:NL:PHR:2019:608Hoge Raad · 19 juli 2019deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2019:1261
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg · Conclusie gevolgdGevolgd of contrair‘Gevolgd’: de Hoge Raad besliste zoals de advocaat-generaal adviseerde. ‘Contrair’: hij besliste anders.Meer uitleg
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 17/06095
Datum 19 juli 2019
ARREST
In de zaak van
SANDOZ B.V.,
gevestigd te Almere,
EISERES tot cassatie,
hierna: Sandoz,
advocaat: mr. T. Cohen Jehoram,
tegen
ASTRAZENECA AB,
gevestigd te Södertälje, Zweden,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: AstraZeneca,
advocaat: mr. F.W.E. Eijsvogels.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/09/513437/KG ZA 16-779 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Den Haag van 6 juli 2016 en 27 juli 2016;
b. het arrest in de zaak 200.200.332./01 van het gerechtshof Den Haag van 31 oktober 2017.
Sandoz heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld. AstraZeneca heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping.
De advocaat van Sandoz heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2 Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Als de in cassatie in het ongelijk gestelde partij dient Sandoz te worden veroordeeld in de proceskosten. Partijen hebben over de hoogte daarvan uitdrukkelijk overeenstemming bereikt als bedoeld in art. 4 van de Indicatietarieven in IE-zaken Hoge Raad 2017. AstraZeneca heeft uit dien hoofde aanspraak op een bedrag van € 75.000,--. Dit bedrag, dat niet onredelijk of onevenredig voorkomt, zal dan ook worden toegewezen.
3 Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Sandoz in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van AstraZeneca begroot op € 75.000,--.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de vicepresident E.J. Numann op 19 juli 2019.