Personen- en familierecht
Familierecht. Geschil tussen moeder van minderjarige kinderen en de grootouders aan vaderzijde over…
Hoge Raad, 16 maart 2007
ECLI:NL:HR:2007:AZ6222 · Hoge Raad · 16 maart 2007
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/personen-en-familierecht/cassatie/ecli-nl-hr-2007-az6222
Zaakgegevens
Op 16 maart 2007 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 16 maart 2007
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- R06/110HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. R.T.R.F Carli, mr. T.F.E. Tjong Tjin Tai
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2007:AZ6222
Samenvatting
Familierecht. Geschil tussen moeder van minderjarige kinderen en de grootouders aan vaderzijde over vaststelling van een omgangsregeling (81 RO).
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 18 mei 2006
ECLI:NL:GHAMS:2006:AY3589Hoge Raad · 16 maart 2007deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2007:AZ6222
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 16 maart 2007
ECLI:NL:PHR:2007:AZ6222
Uitspraak
16 maart 2007
Eerste Kamer
Rek.nr. R06/110HR
MK/AT
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[Verzoekster],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. R.T.R.F. Carli,
t e g e n
1. [Verweerder 1],
2. [Verweerster 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: mr. T.F.E. Tjong Tjin Tai.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 21 juli 2005 ter griffie van de rechtbank te Haarlem ingediend verzoekschrift hebben verweerders in cassatie - verder te noemen: de grootouders - zich gewend tot die rechtbank en verzocht een omgangsregeling vast te stellen tussen de grootouders en de uit de relatie tussen verzoekster tot cassatie - verder te noemen: de moeder - en [de vader] (hierna: de vader) geboren minderjarigen [kind 1], geboren op [geboortedatum] 2001 te [geboorteplaats] en [kind 2], geboren op [geboortedatum] 2003 te [woonplaats] (hierna gezamenlijk te noemen: de kinderen, dan wel afzonderlijk: [kind 1] en [kind 2]).
De moeder heeft het verzoek bestreden.
De rechtbank heeft bij beschikking van 25 oktober 2005 een omgangsregeling vastgesteld tussen de grootouders en [kind 1] en de grootouders niet-ontvankelijk verklaard in hun verzoek met betrekking tot de minderjarige [kind 2].
Tegen deze beschikking hebben de grootouders hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. De moeder heeft incidenteel hoger beroep ingesteld.
Bij beschikking van 18 mei 2006 heeft het hof de beschikking van de rechtbank vernietigd behoudens voorzover de rechtbank is uitgegaan van de ontvankelijkheid van het verzoek van de grootouders ten opzichte van [kind 1] en, in zoverre opnieuw rechtdoende, de grootouders ook ontvankelijk verklaard in hun verzoek ten opzichte van [kind 2] en een omgangsregeling vastgesteld tussen de grootouders en de kinderen.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de moeder beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De grootouders hebben verzocht het beroep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 16 maart 2007.