Personen- en familierecht
Familierecht. Toegewezen verzoek van raad voor de kinderbescherming tot ondertoezichtstelling van een…
Hoge Raad, 5 oktober 2007
ECLI:NL:HR:2007:BB3680 · Hoge Raad · 5 oktober 2007
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/personen-en-familierecht/cassatie/ecli-nl-hr-2007-bb3680
Zaakgegevens
Op 5 oktober 2007 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 5 oktober 2007
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- R07/106HR
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. M.A.R. Schuckink Kool
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2007:BB3680
Samenvatting
Familierecht. Toegewezen verzoek van raad voor de kinderbescherming tot ondertoezichtstelling van een minderjarig kind; gronden als bedoeld in art. 1:254 lid 1 BW (81 RO).
Procesgang
Hoge Raad · 5 oktober 2007deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2007:BB3680
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 5 oktober 2007
ECLI:NL:PHR:2007:BB3680
Uitspraak
5 oktober 2007
Eerste Kamer
Rek.nr. R07/106HR
RM/IS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
1. [Verzoeker 1],
2. [Verzoekster 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERZOEKERS tot cassatie,
advocaat: mr. M.A.R. Schuckink Kool,
t e g e n
DE RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING TE UTRECHT,
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de ouders en de raad.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 27 december 2006 ter griffie van de rechtbank Utrecht ingediend verzoekschrift heeft de raad verzocht het minderjarige kind van partijen, [het kind], voor een periode van twaalf maanden onder toezicht te stellen van de stichting Bureau Jeugdzorg Utrecht.
Na behandeling van de zaak heeft de kinderrechter in de rechtbank Utrecht bij beschikking van 23 januari 2007 het verzoek van de raad toegewezen.
Tegen deze beschikking hebben de ouders hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam.
Bij beschikking van 1 mei 2007 heeft het hof de beschikking van de kinderrechter bekrachtigd.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof hebben de ouders beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De raad heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 5 oktober 2007.