Personen- en familierecht
Familierecht. Alimentatie gewezen echtgenoten; alimentatiebehoefte die niet kan worden vastgesteld, omdat…
Hoge Raad, 13 februari 2009
ECLI:NL:HR:2009:BG6232 · Hoge Raad · 13 februari 2009
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/personen-en-familierecht/cassatie/ecli-nl-hr-2009-bg6232
Zaakgegevens
Op 13 februari 2009 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 13 februari 2009
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 08/00653
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. M.G. Cantarella
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2009:BG6232
Samenvatting
Familierecht. Alimentatie gewezen echtgenoten; alimentatiebehoefte die niet kan worden vastgesteld, omdat deze onvoldoende met stukken is onderbouwd en is betwist door de wederpartij (81 RO).
Procesgang
Gerechtshof 's-Gravenhage · 14 november 2007
ECLI:NL:GHSGR:2007:BC0154Hoge Raad · 13 februari 2009deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2009:BG6232
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 13 februari 2009
ECLI:NL:PHR:2009:BG6232
Uitspraak
13 februari 2009
Eerste Kamer
08/00653
RM/IS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[De vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. M.G. Cantarella,
t e g e n
[De man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.
1. Het geding in feitelijke instanties
De vrouw heeft op 4 mei 2006 een verzoekschrift ingediend bij de rechtbank Rotterdam tot vaststelling van een door de man met ingang van 3 januari 2006 te betalen uitkering tot levensonderhoud van de vrouw van € 1.200,-- per maand.
De man heeft het verzoek bestreden.
De rechtbank heeft bij beschikking van 8 november 2006 ten laste van de man aan de vrouw met ingang van 4 mei 2006 een uitkering tot levensonderhoud toegekend van € 521,50 per maand.
Tegen deze beschikking heeft de man hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.
Bij beschikking van 14 november 2007 heeft het hof de bestreden beschikking vernietigd en, opnieuw beschikkende, het inleidende verzoek van de vrouw afgewezen.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De man heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 13 februari 2009.