Personen- en familierecht
Familierecht. Wijziging kinderalimentatie art. 1:401 BW; geschil tussen voormalige echtelieden over bijdrage…
Hoge Raad, 25 september 2009
ECLI:NL:HR:2009:BJ1247 · Hoge Raad · 25 september 2009
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/personen-en-familierecht/cassatie/ecli-nl-hr-2009-bj1247
Zaakgegevens
Op 25 september 2009 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 25 september 2009
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 09/00201
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. A.J.F. Gonesh
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2009:BJ1247
Samenvatting
Familierecht. Wijziging kinderalimentatie art. 1:401 BW; geschil tussen voormalige echtelieden over bijdrage onderhoudsplichtige in de kosten van verzorging en opvoeding van minderjarig kind (81 RO).
Procesgang
Hoge Raad · 25 september 2009deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2009:BJ1247
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 25 september 2009
ECLI:NL:PHR:2009:BJ1247
Uitspraak
25 september 2009
Eerste Kamer
09/00201
DV/IS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[De moeder],
wonende te [woonplaats], Spanje,
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. A.J.F. Gonesh,
t e g e n
[De vader],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de moeder en de vader.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 11 juli 2007 ter griffie van de rechtbank Amsterdam ingediend verzoekschrift heeft de moeder zich gewend tot die rechtbank en verzocht, kort gezegd, de beschikking van 12 mei 2005 van het gerechtshof te Amsterdam in die zin te wijzigen dat de vader met ingang van de datum waarop de echtelijke woning aan de [a-straat 1] te [plaats] is verkocht, dan wel met ingang van 11 juli 2007, maandelijks als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige kinderen van partijen [de kinderen] aan de moeder zal voldoen een bedrag van € 350,-- per kind, althans een door de rechtbank in goede justitie te bepalen bedrag.
De vader heeft het verzoek bestreden.
De rechtbank heeft, na mondelinge behandeling, bij beschikking van 6 februari 2008 bepaald dat de beschikking van het gerechtshof te Amsterdam van 12 mei 2005 in zoverre wordt gewijzigd dat de man met ingang van 1 augustus 2006 € 300,-- per kind per maand zal betalen als bijdrage in de kosten en verzorging en opvoeding van voornoemde minderjarigen, bij vooruitbetaling te voldoen aan de vrouw, en te verhogen met het bedrag van iedere uitkering die hem op grond van geldende wetten of regelingen ten behoeve van die minderjarigen kan of zal worden verleend.
Tegen deze beschikking heeft de vader hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam.
Na mondelinge behandeling heeft het hof bij beschikking van 14 oktober 2008 de bestreden beschikking vernietigd.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de moeder beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De vader heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van art. 81 RO.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 25 september 2009.