Personen- en familierecht
Familierecht. Afwijzing door appelrechter van verzoek om in eerste aanleg niet bestreden verzoek tot…
Hoge Raad, 11 december 2009
ECLI:NL:HR:2009:BK0869 · Hoge Raad · 11 december 2009
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/personen-en-familierecht/cassatie/ecli-nl-hr-2009-bk0869
Zaakgegevens
Op 11 december 2009 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 11 december 2009
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 08/05269
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. A.B. Baumgarten
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2009:BK0869
Samenvatting
Familierecht. Afwijzing door appelrechter van verzoek om in eerste aanleg niet bestreden verzoek tot echtscheiding in appel alsnog af te wijzen. (81 RO)
Procesgang
Hoge Raad · 11 december 2009deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2009:BK0869
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 11 december 2009
ECLI:NL:PHR:2009:BK0869
Uitspraak
11 december 2009
Eerste Kamer
08/05269
EE/IS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[De vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. A.B. Baumgarten,
t e g e n
[De man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.
1. Het geding in feitelijke instanties
Met een op 7 februari 2007 ter griffie van de rechtbank Amsterdam ingediend verzoekschrift heeft de man zich gewend tot die rechtbank en verzocht, kort gezegd, echtscheiding tussen partijen uit te spreken.
De vrouw heeft het verzoek tot echtscheiding niet bestreden en tevens een zelfstandig verzoek, met nevenvoorzieningen, ingediend.
De rechtbank heeft bij beschikking van 19 maart 2008 echtscheiding tussen partijen uitgesproken en iedere verdere beslissing aangehouden.
Tegen deze beschikking heeft de vrouw hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. De vrouw heeft verzocht de beschikking van de rechtbank te vernietigen en het verzoek tot echtscheiding alsnog af te wijzen. De man heeft verweer gevoerd.
Bij beschikking van 25 september 2008 heeft het hof de bestreden beschikking bekrachtigd.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De man heeft geen verweer gevoerd.
De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren E.J. Numann en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 11 december 2009.