Personen- en familierecht
Familierecht. Geschil tussen voormalige echtelieden over partner- en kinderalimentatie. (art. 81 RO).
Hoge Raad, 5 februari 2010
ECLI:NL:HR:2010:BK6681 · Hoge Raad · 5 februari 2010
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/personen-en-familierecht/cassatie/ecli-nl-hr-2010-bk6681
Zaakgegevens
Op 5 februari 2010 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 5 februari 2010
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 09/02105
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. P. Garretsen
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2010:BK6681
Samenvatting
Familierecht. Geschil tussen voormalige echtelieden over partner- en kinderalimentatie. (art. 81 RO).
Procesgang
Hoge Raad · 5 februari 2010deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2010:BK6681
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 5 februari 2010
ECLI:NL:PHR:2010:BK6681
Uitspraak
5 februari 2010
Eerste Kamer
09/02105
EE/IS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[De man],
wonende te [woonplaats], Curaçao, Nederlandse Antillen,
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
[De vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de man en de vrouw.
1. Het geding in feitelijke instanties
Bij beschikking van de rechtbank Rotterdam van 17 oktober 2005 is tussen de man en de vrouw echtscheiding uitgesproken.
Met een op 21 september 2007 ter griffie van voornoemde rechtbank ingediend verzoekschrift heeft de vrouw zich gewend tot die rechtbank en verzocht, kort gezegd, een bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding van de minderjarige kinderen van partijen - [kind 1] en [kind 2] - van € 300,-- per kind per maand en een bijdrage in de kosten van haar levensonderhoud van € 750,-- per maand.
De man heeft het verzoek bestreden.
De rechtbank heeft bij beschikking van 28 maart 2008 het verzoek van de vrouw met ingang van 1 oktober 2007 toegewezen.
Tegen deze beschikking heeft de man hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.
Na een tussenbeschikking van 30 juli 2008 heeft het hof bij beschikking van 25 februari 2009 de bestreden beschikking voorzover aan het oordeel van het hof onderworpen bekrachtigd.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de man beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De vrouw heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de man heeft bij brief van 28 december 2009 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, O. de Savornin Lohman en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer W.A.M. van Schendel op 5 februari 2010.