Personen- en familierecht

Familierecht. Geschil over hoogte inkomen en rangorde kinderen en stiefkinderen bij vaststelling…

Hoge Raad, 8 oktober 2010

Zaakgegevens

Op 8 oktober 2010 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
8 oktober 2010
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
09/04548
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. P. Garretsen
ECLI
ECLI:NL:HR:2010:BN1399
E-mail

Samenvatting

Familierecht. Geschil over hoogte inkomen en rangorde kinderen en stiefkinderen bij vaststelling kinderalimentatie. (art. 81 RO).

Procesgang

  1. Gerechtshof Arnhem · 11 augustus 2009

    ECLI:NL:GHARN:2009:BJ6172
  2. Hoge Raad · 8 oktober 2010deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2010:BN1399

    Bekrachtiging/bevestiging

  3. Conclusie A-G · 8 oktober 2010

    ECLI:NL:PHR:2010:BN1399

Uitspraak

8 oktober 2010

Eerste Kamer

09/04548

DV/EE

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De vrouw],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

[De man],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

niet verschenen.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de beschikking in de zaak 92959/FA RK 08-395 (kh) van de rechtbank Almelo van 2 juli 2008,

b. de beschikkingen in de zaak 200.016.480 van het gerechtshof te Arnhem van 19 mei 2009 en 11 augustus 2009.

De beschikking van het hof van 11 augustus 2009 is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De man heeft geen verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, W.A.M. van Schendel en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 8 oktober 2010.