Personen- en familierecht

Familierecht. Geschil tussen voormalige echtelieden over partneralimentatie. (Art. 81 RO).

Hoge Raad, 26 november 2010

Zaakgegevens

Op 26 november 2010 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
26 november 2010
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
10/00826
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. P Garretsen, mr. P.C.M. van Schijndel
ECLI
ECLI:NL:HR:2010:BN9456
E-mail

Samenvatting

Familierecht. Geschil tussen voormalige echtelieden over partneralimentatie. (Art. 81 RO).

Procesgang

  1. Hoge Raad · 26 november 2010deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2010:BN9456

  2. Conclusie A-G · 26 november 2010

    ECLI:NL:PHR:2010:BN9456

Uitspraak

26 november 2010

Eerste Kamer

10/00826

RM/TT

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De vrouw],

wonende te [woonplaats],

VERZOEKSTER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

[De man],

wonende te [woonplaats],

VERWEERDER in cassatie,

advocaat: mr. P.C.M. van Schijndel.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de beschikking in de zaak 294106/F1 RK 07-2424 van de rechtbank Rotterdam van 25 maart 2008;

b. de beschikking in de zaak 200.009.591.01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 2 december 2009.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De man heeft een verweerschrift ingediend.

De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 26 november 2010.