Personen- en familierecht

Art. 81 RO. Familierecht. Geschil tussen voormalig echtelieden over gezamenlijke uitoefening gezag…

Hoge Raad, 8 juli 2011

Zaakgegevens

Op 8 juli 2011 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
8 juli 2011
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
10/02106
Procedure
Cassatie
Advocaat
mr. P. Garretsen
ECLI
ECLI:NL:HR:2011:BQ7328
E-mail

Samenvatting

Art. 81 RO. Familierecht. Geschil tussen voormalig echtelieden over gezamenlijke uitoefening gezag. Toestemming, op de voet van art. 1:253a BW, voor internationale verhuizing ouder met kind terecht verleend?

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 23 februari 2010

    ECLI:NL:GHAMS:2010:BL9055
  2. Hoge Raad · 8 juli 2011deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2011:BQ7328

    Bekrachtiging/bevestiging

  3. Conclusie A-G · 8 juli 2011

    ECLI:NL:PHR:2011:BQ7328

Uitspraak

8 juli 2011

Eerste Kamer

10/02106

EV/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:

[De vader],

wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,

advocaat: mr. P. Garretsen,

t e g e n

[De moeder],

wonende te Colombia,

VERWEERSTER in cassatie,

advocaten: mr. D.M. de Knijff en mr. M.S. van der Keur.

Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vader en de moeder.

1. Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:

a. de beschikkingen in de zaak 427760/FA RK 09-3656 van de rechtbank Amsterdam van 24 juni 2009 en 29 juli 2009;

b. de beschikking in de zaak 200.046.797/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 23 februari 2010.

De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de vader beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De moeder heeft verzocht het beroep te verwerpen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 8 juli 2011.