Personen- en familierecht
Art. 81 lid 1 RO. Familierecht. Verzoek benoeming bijzondere curator op de voet van art. 1:250 BW.
Hoge Raad, 1 februari 2013
ECLI:NL:HR:2013:BZ0245 · Hoge Raad · 1 februari 2013
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/civiel-recht/personen-en-familierecht/cassatie/ecli-nl-hr-2013-bz0245
Zaakgegevens
Op 1 februari 2013 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over personen- en familierecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 1 februari 2013
- Datum publicatie
- 5 april 2013
- Zaaknummer
- 12/02152
- Rechtsgebied
- Civiel recht » Personen- en familierecht
- Procedure
- CassatieCassatieHet laatste rechtsmiddel: de Hoge Raad beoordeelt alleen of het recht goed is toegepast en of de uitspraak voldoende is gemotiveerd. De feiten staan dan vast.Meer uitleg
- Advocaat
- mr. M.J.G. Schroeder
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2013:BZ0245
Samenvatting
Art. 81 lid 1 RO. Familierecht. Verzoek benoeming bijzondere curator op de voet van art. 1:250 BW.
Procesgang
Hoge Raad · 1 februari 2013deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2013:BZ0245
Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 1 februari 2013
ECLI:NL:PHR:2013:BZ0245
Uitspraak
1 februari 2013
Eerste Kamer
12/02152
DV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[De dochter],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. M.J.G. Schroeder,
t e g e n
1. [De moeder],
wonende te [woonplaats],
2. WILLIAM SCHRIKKER STICHTING JEUGDBESCHERMING EN JEUGDRECLASSERING,
gevestigd te Diemen,
VERWEERSTERS in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de dochter, de moeder en de Stichting.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak 375524/JE RK 11-843 van de kinderrechter te Rotterdam van 2 mei 2011;
b. de beschikking in de zaak 386354/JE RK 11-2541 van de kinderrechter te Rotterdam van 10 november 2011;
c. de beschikking in de zaak 200.097.701/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 15 februari 2012.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de dochter beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De moeder en de Stichting hebben geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, M.A. Loth en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 1 februari 2013.