Strafrecht overig

Poging tot doodslag. Vordering b.p. Zijn kosten gemaakt door b.p. t.g.v. eigen risico zorgverzekering aan te…

Hoge Raad, 11 september 2018

Zaakgegevens

Op 11 september 2018 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
11 september 2018
Datum publicatie
11 september 2018
Zaaknummer
17/03785
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2018:1550
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Poging tot doodslag. Vordering b.p. Zijn kosten gemaakt door b.p. t.g.v. eigen risico zorgverzekering aan te merken als rechtstreekse schade a.b.i. art. 361.2 Sv? HR: art. 81.1 RO.

Procesgang

  1. Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 26 januari 2017

    ECLI:NL:GHARL:2017:1122
  2. Conclusie A-G · 12 juni 2018

    ECLI:NL:PHR:2018:609
  3. Hoge Raad · 11 september 2018deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2018:1550

    Bekrachtiging/bevestiging

Uitspraak

11 september 2018

Strafkamer

nr. S 17/03785

IV/LBS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 26 januari 2017, nummer 21/003259-15, in de strafzaak tegen:

[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft A.W. Syrier, advocaat te Utrecht, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier A. El Mokhtari, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 september 2018.