Strafrecht overig
Medeplegen woningoverval. Falende middelen over gebruik voor bewijs van verklaring getuige die verdediging…
Hoge Raad, 3 april 2018
ECLI:NL:HR:2018:489 · Hoge Raad · 3 april 2018
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2018-489
Zaakgegevens
Op 3 april 2018 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 3 april 2018
- Datum publicatie
- 3 april 2018
- Zaaknummer
- 17/00263
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2018:489
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Medeplegen woningoverval. Falende middelen over gebruik voor bewijs van verklaring getuige die verdediging niet heeft kunnen ondervragen, niet ambtshalve horen van personen als getuige en afwijking uos m.b.t. betrokkenheid verdachte bij overval. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 16/05323, 16/05509, 16/05534 en 17/01703.
Procesgang
Gerechtshof Amsterdam · 26 oktober 2016
ECLI:NL:GHAMS:2016:4251Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 6 februari 2018
ECLI:NL:PHR:2018:273Hoge Raad · 3 april 2018deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2018:489
Bekrachtiging/bevestigingBekrachtigingDe hogere rechter laat de eerdere uitspraak in stand: de uitkomst blijft hetzelfde.Meer uitleg
Uitspraak
3 april 2018
Strafkamer
nr. S 17/00263
AJ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 26 oktober 2016, nummer 23/001708-15, in de strafzaak tegen:
[verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1958.
1 Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft P.H.L.M. Souren, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. Bij aanvullende schriftuur heeft de raadsman het eerste middel nader toegelicht. De schrifturen zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.J. Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 3 april 2018.