Strafrecht overig

Gewapende overvallen op bank en drogisterij in Amsterdam. Afpersing (art. 317.1 Sr), voorhanden hebben…

Zaakgegevens

Op 28 mei 2019 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
28 mei 2019
Datum publicatie
26 mei 2019
Zaaknummer
18/03585
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2019:831
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

Gewapende overvallen op bank en drogisterij in Amsterdam. Afpersing (art. 317.1 Sr), voorhanden hebben vuurwapen en munitie (art. 26.1 WWM), diefstal met geweld (art. 312.1 Sr) en wederrechtelijke vrijheidsberoving, meermalen gepleegd (art. 282.1 Sr). Bewijsklachten diefstal met geweld en wederrechtelijke vrijheidsberoving (overval op drogisterij) m.b.t. innerlijke tegenstrijdigheid, schakelbewijs, eigen waarneming Hof en gebruik voor bewijs van DNA-onderzoek NFI. HR: art. 81.1 RO.

Procesgang

  1. Gerechtshof Amsterdam · 7 maart 2018

    ECLI:NL:GHAMS:2018:769
  2. Conclusie A-G · 2 april 2019

    ECLI:NL:PHR:2019:316
  3. Hoge Raad · 28 mei 2019deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2019:831

    Bekrachtiging/bevestiging

Uitspraak

Inhoudsopgave

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 18/03585

Datum 28 mei 2019

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 7 maart 2018, nummer 23/003354-17, in de strafzaak

tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983,

hierna: de verdachte.

1 Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft A. Kilinç, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 mei 2019.