Strafrecht overig

Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. diefstal, art. 310 Sr. Betekening dagvaarding in hoger beroep, art…

Hoge Raad, 29 maart 2022

Zaakgegevens

Op 29 maart 2022 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
29 maart 2022
Datum publicatie
25 maart 2022
Zaaknummer
20/03452
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2022:465
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. diefstal, art. 310 Sr. Betekening dagvaarding in hoger beroep, art. 588.2 (oud) Sv. Moet dagvaarding in h.b. worden betekend bij asielzoekerscentrum in Rennes (Frankrijk), nu verdachte bij haar verhoor door politie heeft opgegeven daar met haar kinderen te wonen (zonder concreet adres te noemen)? HR: art. 81.1 RO. CAG gaat in op ontvankelijkheid cassatieberoep.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 8 februari 2022

    ECLI:NL:PHR:2022:116
  2. Hoge Raad · 29 maart 2022deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2022:465

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 20/03452

Datum 29 maart 2022

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 17 april 2018, nummer 21-005184-16, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft A.J.M. Bommer, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 maart 2022.