Strafrecht overig

Bedreiging van hoofdagent met enig misdrijf tegen het leven gericht, art. 285.1 Sr. Laatste woord, art. 311.4…

Hoge Raad, 14 november 2023

Zaakgegevens

Op 14 november 2023 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
14 november 2023
Datum publicatie
12 oktober 2023
Zaaknummer
21/04922
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
ECLI
ECLI:NL:HR:2023:1432
E-mail
Inhoud van deze uitspraak

Samenvatting

Bedreiging van hoofdagent met enig misdrijf tegen het leven gericht, art. 285.1 Sr. Laatste woord, art. 311.4 Sv. Kon hof, na verdachte in de gelegenheid te hebben gesteld van zijn recht op het laatste woord gebruik te maken (waarna verdachte bepaalde beweringen bleef herhalen en, toen raadsheer hem andermaal tot stilte had gemaand, hij daaraan geen gehoor gaf), verdachte bevelen zittingszaal te verlaten?

HR: art. 81.1 RO.

Procesgang

  1. Conclusie A-G · 26 september 2023

    ECLI:NL:PHR:2023:809
  2. Hoge Raad · 14 november 2023deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2023:1432

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN

STRAFKAMER

Nummer 21/04922

Datum 14 november 2023

ARREST

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 25 november 2021, nummer 23-000679-21, in de strafzaak

tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1980,

hierna: de verdachte.

1 Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M.A.C. de Bruijn, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2 Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).

3 Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 14 november 2023.