Strafrecht overig
Medeplegen poging tot diefstal met geweld de dood ten gevolge hebbend, art. 312.3 Sr. 1. Bewijsklacht…
ECLI:NL:HR:2024:1124 · Hoge Raad · 3 september 2024
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2024-1124
Zaakgegevens
Op 3 september 2024 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 3 september 2024
- Datum publicatie
- 3 september 2024
- Zaaknummer
- 22/04206
- Rechtsgebied
- Strafrecht Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2024:1124
Samenvatting
Medeplegen poging tot diefstal met geweld de dood ten gevolge hebbend, art. 312.3 Sr. 1. Bewijsklacht medeplegen. 2. Bewijsklacht opzet op (bedreiging met) geweld. Heeft verdachte opzet gehad op toegepast geweld waaronder het schieten met pistool?
HR: 81.1 RO.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 4 november 2022
ECLI:NL:GHDHA:2022:2195Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 21 mei 2024
ECLI:NL:PHR:2024:548Hoge Raad · 3 september 2024deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2024:1124
Uitspraak
Inhoudsopgave
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 22/04206
Datum 3 september 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 4 november 2022, nummer 22-004509-17, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben T.P.A.M. Wouters en R.I. Takens, beiden advocaat in Amsterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep.
2 Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 3 september 2024.