Strafrecht overig
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. openbare dronkenschap, art. 453 (oud) Sr. Betekening dagvaarding in…
Hoge Raad, 30 juni 2026
ECLI:NL:HR:2026:1015 · Hoge Raad · 30 juni 2026
https://www.uitspraken.nl/uitspraak/hoge-raad/strafrecht/strafrecht-overig/artikel-81-ro-zaken/ecli-nl-hr-2026-1015
Zaakgegevens
Op 30 juni 2026 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.
- Instantie
- Hoge RaadHoge RaadDe hoogste rechter van Nederland in civiele zaken, strafzaken en belastingzaken. Hij beoordeelt zaken in cassatie.Meer uitleg
- Datum uitspraak
- 30 juni 2026
- Datum publicatie
- 24 juni 2026
- Zaaknummer
- 24/02978
- Rechtsgebied
- Strafrecht » Strafrecht overig
- Procedure
- Artikel 81 RO-zakenArtikel 81 RODe Hoge Raad verwerpt een cassatieklacht met een verkorte motivering, omdat die klacht niet kan slagen en geen belangrijke rechtsvraag opwerpt.Meer uitleg
- ECLI
- ECLI:NL:HR:2026:1015
Inhoud van deze uitspraak
Samenvatting
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. openbare dronkenschap, art. 453 (oud) Sr. Betekening dagvaarding in hoger beroep, art. 36e.1.b.1 jo. 36e.2.b Sv. Had dagvaarding in h.b. moeten worden uitgereikt op briefadres van verdachte in plaats van op zijn later in BRP geregistreerde woonadres?
HR: art. 81.1 RO.
Procesgang
Gerechtshof Den Haag · 9 april 2024
ECLI:NL:GHDHA:2024:2949Conclusie A-GConclusie A-GEen onafhankelijk advies aan de Hoge Raad over hoe de zaak beslist moet worden. De Hoge Raad hoeft dat advies niet te volgen.Meer uitleg · 21 april 2026
ECLI:NL:PHR:2026:400Hoge Raad · 30 juni 2026deze uitspraak
ECLI:NL:HR:2026:1015
Uitspraak
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/02978
Datum 30 juni 2026
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 9 april 2024, nummer 22-001250-23, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983,
hierna: de verdachte.
1 Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten R.J. Baumgardt en M.J. van Berlo bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal P.T.C. van Kampen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2 Beoordeling van het cassatiemiddel
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3 Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren T.B. Trotman en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 30 juni 2026.