Strafrecht overig

8 april 2003 Strafkamer nr. 02077/02 A EW/SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen…

Zaakgegevens

Op 8 april 2003 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
8 april 2003
Datum publicatie
4 april 2013
Zaaknummer
02077/02 A
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2003:AF5404
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

8 april 2003 Strafkamer nr. 02077/02 A EW/SM Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 18 december 2001, nummer H-167/01, in de strafzaak tegen: [verdachte], geboren op Aruba op [geboortedatum] 1971, ten tijde van de bestreden uitspraak gedetineerd in het Korrektie Instituut Aruba. 1. De bestreden uitspraak ...

Procesgang

  1. Hoge Raad · 8 april 2003deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2003:AF5404

  2. Conclusie A-G · 8 april 2003

    ECLI:NL:PHR:2003:AF5404

Uitspraak

8 april 2003

Strafkamer

nr. 02077/02 A

EW/SM

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 18 december 2001, nummer H-167/01, in de strafzaak tegen:

[verdachte], geboren [te geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971, ten tijde van de bestreden uitspraak gedetineerd in het Korrektie Instituut Aruba.

1. De bestreden uitspraak

Het Hof heeft in hoger beroep - met vernietiging van een vonnis van het Gerecht in Eerste Aanleg, zittingsplaats Aruba, van 29 juni 2001 - de verdachte vrijgesproken van het hem bij inleidende dagvaarding primair tenlastegelegde en hem voorts ter zake van "medeplichtigheid aan diefstal, voorafgegaan en vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf, hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, terwijl dit feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen en de dood ten gevolge heeft" veroordeeld tot zes jaren gevangenisstraf.

2. Geding in cassatie

2.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. D.G. Kock, advocaat te Oranjestad (Aruba), bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Wortel heeft geconcludeerd dat de Hoge Raad het beroep zal verwerpen.

2.2. De Hoge Raad heeft kennis genomen van het schriftelijk commentaar van de raadsman op de conclusie van de Advocaat-Generaal.

3. Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Slotsom

Nu de middelen niet tot cassatie kunnen leiden, terwijl de Hoge Raad ook geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, moet het beroep worden verworpen.

5. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president C.J.G. Bleichrodt als voorzitter, en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens en J.P. Balkema, in bijzijn van de waarnemend-griffier I.W.P. Verboon, en uitgesproken op 8 april 2003.