Strafrecht overig

Kinderporno. Vordering OvJ ex art. 552f Sv. Samenhang met 08/00787B. Gelet op het arrest van de HR in die…

Hoge Raad, 7 december 2010

Zaakgegevens

Op 7 december 2010 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
7 december 2010
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
08/00786 B
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2010:BK9099
E-mail

Samenvatting

Kinderporno. Vordering OvJ ex art. 552f Sv. Samenhang met 08/00787B. Gelet op het arrest van de HR in die zaak, gepubliceerd onder LJN BO6446 worden de middelen in de onderhavige zaak met 81RO afgedaan.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 7 december 2010deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2010:BK9099

  2. Conclusie A-G · 7 december 2010

    ECLI:NL:PHR:2010:BK9099

Uitspraak

7 december 2010

Strafkamer

nr. 08/00786 B

Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

op het beroep in cassatie tegen een beschikking van het Gerechtshof te Amsterdam van 2 januari 2008, nummer RK 1223/05, op een klaagschrift als bedoeld in artikel 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door:

[Klager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1948, wonende te [woonplaats].

1. Geding in cassatie

1.1. Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft mr. A.E.M. Röttgering, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Knigge heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking, doch alleen voor zover het Hof het verzoek van klager tot teruggave heeft afgewezen en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof te Amsterdam of een ander hof teneinde op het bestaande klaagschrift opnieuw te worden behandeld en afgedaan.

1.2. De raadsvrouwe heeft schriftelijk op de conclusie gereageerd.

2. Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gelet op HR 7 december 2010, nr. 08/00787 B, LJN BO6446 en gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid en de rechtsontwikkeling.

3. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Deze beschikking is gegeven door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman, H.A.G. Splinter-van Kan, W.F. Groos en M.A. Loth, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, in raadkamer en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 7 december 2010.