Strafrecht overig

Conclusie AG over zwijgende verdachte en het EHRM-arrest in de zaak Murray. HR: 81 RO.

Hoge Raad, 16 maart 2010

Zaakgegevens

Op 16 maart 2010 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
16 maart 2010
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
08/04936
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2010:BL0762
E-mail

Samenvatting

Conclusie AG over zwijgende verdachte en het EHRM-arrest in de zaak Murray. HR: 81 RO.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 16 maart 2010deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2010:BL0762

  2. Conclusie A-G · 16 maart 2010

    ECLI:NL:PHR:2010:BL0762

Uitspraak

16 maart 2010

Strafkamer

nr. 08/04936

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 12 november 2008, nummer 22/000081-08, in de strafzaak tegen:

[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Tilburg" te Tilburg.

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. P.H.L.M. Souren, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Jörg heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2. Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 16 maart 2010.