Strafrecht overig

Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

Hoge Raad, 24 mei 2011

Zaakgegevens

Op 24 mei 2011 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24 mei 2011
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
09/02682
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2011:BP6432
E-mail

Samenvatting

HR: 81 RO.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 24 mei 2011deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2011:BP6432

  2. Conclusie A-G · 24 mei 2011

    ECLI:NL:PHR:2011:BP6432

Uitspraak

24 mei 2011

Strafkamer

nr. 09/02682

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 10 juni 2009, nummer 20/004002-07, in de strafzaak tegen:

[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977, wonende te [woonplaats].

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. R.J. Baumgardt, advocaat te Spijkenisse, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Knigge heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2. Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en H.A.G. Splinter-van Kan, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 24 mei 2011.