Strafrecht overig

Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

Hoge Raad, 14 juni 2011

Zaakgegevens

Op 14 juni 2011 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
14 juni 2011
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
10/00241
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2011:BQ3710
E-mail

Samenvatting

HR: 81 RO.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 14 juni 2011deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2011:BQ3710

  2. Conclusie A-G · 14 juni 2011

    ECLI:NL:PHR:2011:BQ3710

Uitspraak

14 juni 2011

Strafkamer

nr. 10/00241

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 24 december 2009, nummer 21/002303-08, in de strafzaak tegen:

[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1970, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd op de "Detentieboten Zaandam" te Zaandam.

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. O.O. van der Lee, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2. Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren W.F. Groos en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 14 juni 2011.