Strafrecht overig

Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

Hoge Raad, 7 februari 2012

Zaakgegevens

Op 7 februari 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
7 februari 2012
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
11/01255
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2012:BU7337
E-mail

Samenvatting

HR: 81 RO.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 7 februari 2012deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2012:BU7337

  2. Conclusie A-G · 7 februari 2012

    ECLI:NL:PHR:2012:BU7337

Uitspraak

7 februari 2012

Strafkamer

nr. S 11/01255

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage van 4 februari 2011, nummer 22/001069-10, in de strafzaak tegen:

[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1956, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Rijnmond, locatie De IJssel" te Krimpen aan den IJssel.

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. R.J. Baumgardt, advocaat te Spijkenisse, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Machielse heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2. Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en Y. Buruma, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken op 7 februari 2012.