Strafrecht overig

Hoge Raad · Cassatie · Strafrecht overig

Zaakgegevens

Op 12 juni 2012 heeft de Hoge Raad in cassatie uitspraak gedaan in een zaak over strafrecht.

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
12 juni 2012
Datum publicatie
5 april 2013
Zaaknummer
11/02215
Procedure
Cassatie
ECLI
ECLI:NL:HR:2012:BW8042
E-mailBekijk op rechtspraak.nl

Samenvatting

HR: 81 RO.

Procesgang

  1. Hoge Raad · 12 juni 2012deze uitspraak

    ECLI:NL:HR:2012:BW8042

  2. Conclusie A-G · 12 juni 2012

    ECLI:NL:PHR:2012:BW8042

Uitspraak

12 juni 2012

Strafkamer

nr. S 11/02215

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 26 april 2011, nummer 23/003971-09, in de strafzaak tegen:

[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984, ten tijde van de betekening van de aanzegging gedetineerd in het Penitentiair Psychiatrisch Centrum "Haaglanden" te 's-Gravenhage.

1. Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. M.L.M. van der Voet, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.

De Advocaat-Generaal Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2. Beoordeling van de middelen

De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3. Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.

Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en J. Wortel, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken op 12 juni 2012.